Plaatsvervangende schaamte van bisschop Bonny uit Antwerpen……….

Ik voel plaatsvervangende schaamte voor mijn Kerk
Ik wil mij veront­schuldigen tegenover allen voor wie het standpunt van het Vaticaan pijnlijk is

Johan Bonny, bisschop van Antwerpen. Deelnemer synode over het gezin 2015.

Homoseksuele relaties kunnen nog altijd niet worden gezegend.
Johan Bonny voelt mee met gelovige homoparen die teleurgesteld zijn.

In oktober 2015 nam ik deel aan de synode over het huwelijk en het gezin, als vertegenwoordiger van de Belgische bisschoppen. Ik luisterde naar bisschoppen in het auditorium en in de wandelgangen, hoorde alle toespraken, nam deel aan de groeps­gesprekken en aan de redactie van amendementen voor de eindtekst.

Deze week antwoordde de Congregatie voor de Geloofsleer negatief op de vraag of priesters verbintenissen tussen personen van hetzelfde geslacht mogen zegenen(DS 16 maart).
Hoe ik me voel na het ‘responsum’? Slecht.
Ik voel plaatsvervangende schaamte voor mijn Kerk, zoals minister Hilde Crevits (CD&V) op Twitter zei. En ik voel vooral intellectueel en moreel onbegrip.
Ik wil mij verontschuldigen tegenover allen voor wie dit responsum pijnlijk en onbegrijpelijk is: gelovige en katholiek geëngageerde homoparen, ouders en grootouders van homoparen en hun kinderen, pastorale medewerkers en begeleiders van homoparen.
Hun pijn om de Kerk is vandaag de mijne.

Het voorliggende responsum mist de pastorale zorg, de wetenschappelijke onderbouw, de theologische nuance en de ethische zorgvuldigheid die aanwezig waren onder de synodevaders die toen de eindconclusies hebben goedgekeurd.
Hier is een andere procedure van besluitvorming en beleidsbepaling aan het werk.
Als voorbeeld wil ik slechts drie onder­delen vermelden.
Vooreerst de paragraaf die zegt dat er in Gods plan in de verste verte geen gelijkenis of zelfs maar een analogie mogelijk is tussen het hetero- en het homohuwelijk.
Zelf ken ik homoparen, burgerlijk gehuwd, met kinderen, die een warm en stabiel gezin vormen, en bovendien actief deelnemen aan het parochiale leven.
Enkelen van hen zijn voltijds actief als pastoraal of kerkelijk medewerker.
Ik ben hen bijzonder erkentelijk.
Wie heeft er belang bij om te ontkennen dat hier geen gelijkenis of analogie met het heterohuwelijk mogelijk is?
Op de synode is de feitelijke onwaarheid van die stelling herhaaldelijk aangehaald.

Wat is een ‘zonde’?
Vervolgens het begrip ‘zonde’.
De laatste paragrafen halen het zwaarste morele geschut boven.
De logica is duidelijk: God kan geen zonde goedkeuren; homoparen leven samen in zonde; dus kan de Kerk hun relatie niet zegenen.
Dat is juist de taal die de synodevaders níét wilden gebruiken, zowel in dit als in andere dossiers onder de titel ‘irreguliere’ situaties.
Dat is niet de taal van Amoris laetitia, de pauselijke zendbrief uit 2016.

‘Zonde’ is een van de moeilijkste theologische en morele categorieën om te definiëren, en dus een van de laatste om te kleven op personen en op hun manier van samenleven.
En al zeker niet op algemene categorieën van personen.
Wat mensen willen en kunnen, op dit eigenste moment van hun leven, met de beste bedoelingen die ze hebben voor zichzelf en voor anderen, oog in oog met de God die zij liefhebben en die hen liefheeft, is geen eenvoudig raadseltje.
Trouwens, zo simpel is de klassieke katholieke moraaltheologie nooit met deze vragen omgegaan. O tempora, o mores!

Ten slotte het begrip ‘liturgie’.
Dat beschaamt me als bisschop en theoloog nog meer.
Homoparen zijn onwaardig om aan een liturgisch gebed over hun relatie deel te nemen, of een liturgische zegen over hun relatie te ontvangen.
Uit welke ideologische achterkamers komt die uitspraak over de ‘waarheid van de liturgische ritus’?

Ook dat was duidelijk niet de dynamiek van de synode.
Herhaaldelijk werd er gesproken over passende rituelen en gebaren om ook homoparen te integreren, zelfs in het liturgische domein.
Uiteraard met respect voor het theologische en pastorale onderscheid tussen een sacramenteel huwelijk en de zegening van een relatie.
De meerderheid van de synodevaders koos niet voor een liturgische zwart-witbenadering of voor een-alles-of-nietsmodel. Integendeel, de synode gaf juist impulsen om wijselijk te zoeken naar tussenvormen, die recht doen zowel aan de eigenheid van deze personen als aan de eigenheid van hun relatie.

Liturgie is de liturgie van Gods volk en tot dat volk behoren ook de bedoelde homoparen. Bovendien klinkt het weinig respectvol om de vraag naar een mogelijke zegening van homoparen te benaderen vanuit de zogeheten ‘sacramentalia’ of de ‘Orde van dienst voor Zegeningen’, waar ook de zegening van dieren, auto’s en gebouwen voorzien is.
Een respectvolle benadering van het homohuwelijk kan alleen plaatsvinden in de bredere context van de ‘Orde van dienst voor het huwelijk’, als een eventuele variante op het thema huwelijk en gezinsleven, met een eerlijke erkenning van zowel de feitelijke gelijkenissen als verschillen.
God is met zijn zegen over mensen nooit gierig of belerend geweest.
Hij is onze Vader. Dat was de theologische en morele mindset van de meeste synodevaders.

Kortom: in het voorliggende responsum vind ik de inhoudelijke krachtlijnen – zoals ik die heb ervaren – van de bisschoppensynode van 2015 over het huwelijk en het gezin niet terug. Dat is jammer voor gelovige homoparen, hun families en vrienden. Zij voelen zich door de Kerk niet rechtvaardig en niet naar waarheid behandeld.
De reactie komt al op gang.

Het is ook jammer voor de Kerk.
Dit responsum is geen voorbeeld van hoe we samen een weg kunnen afleggen.
Het document ondermijnt de geloofwaardigheid van zowel de ‘synodale weg’ waarvoor paus Franciscus pleit, als van het aangekondigde werkjaar met Amoris laetitia.
Wil de echte synode opstaan?

https://www.standaard.be/cnt/dmf20210316_98069552

Geplaatst in Geen categorie